De Vennen 11, 9321 HR Peize | T.: 050 - 50 333 44

Wetenschappelijk

ATP & Microstroom

Door Steven Bailey

ATP (Adenosine Tri Phosfaat) moleculen zijn de opslagplaatsen en distributeurs van energie in het lichaam. De verbinding met Phosphaat levert de energie. Deze energie is nodig in bijna alle energie gerelateerde cellulaire reacties. Feitelijk kunnen we de ATP functies in elke cel van ons lichaam, indelen naar activiteit. Deze essentiële functies zijn:

  1. spier contractie; 
    2. proteïne biosynthese; 
    3. zenuw prikkels; 
    4. actief transport door de celmembraan.

Het proces bij spiercontractie is als volgt: elke spiercel is opgebouwd uit langgerekte spoelvormige vezels, daarom wordt er ook wel van spiervezels i.p.v. spiercellen gesproken. In deze spiervezels bevinden zich vele spierfibrillen (myofibrillen). Deze spierfibrillen worden omspoeld door een vloeistof sarcoplasma genaamd (het cytoplasma van een spiervezel). Binnen het sarcoplasma bevinden zich duizenden en duizenden mitochondria (zgn. energie fabrikanten), die een grote hoeveelheid ATP produceren.

De ATP levert de energie bij de ATPase activiteit (ase= uitgangsbenaming bij een enzym), aan het hieraan blootgestelde myosine filament, waarbij de spiercontractie tot stand komt. Er ontstaat een verbinding en er komt energie vrij. Naast ATP is magnesium onontbeerlijk bij het hele energie proces. Magnesium moet namelijk een verbinding aangaan met het tweede en derde Phosphaat (diphosphaat en triphosphaat), voordat ATP omgezet kan worden in "actieve ATP". Een verstoorde magnesium huishouding zou met fybromyalgie en ME in verband gebracht kunnen worden.

Verbinding van elke chemische samenstelling vraagt energie. Deze energie is ATP, welke van groot belang is bij de biosynthese van proteïne, fosfolipiden, pyrimidine en honderden (zo niet duizenden) andere stoffen. We zullen de ATP functie bij de proteïne synthese verduidelijken in het nu volgende: een proteïne kan gevormd worden uit duizenden aminozuren. Er zijn vier hoog energie Phosphaat verbindingen nodig om twee aminozuren te verbinden.

Maximaal twee ATP nucleotiden kunnen dienen als energiebron voor de verbinding van twee aminozuren, dus als het proteïne is samengesteld uit 10.000 aminozuren zijn er 20.000 ATP nucleotiden nodig om slechts één van deze proteïnen te vormen. Het moet opgemerkt worden dat de aminozuren zelf indirect nuttig gebruik maken van ATP bij het co-transport naar de binnenkant van de cel.

ATP is nodig bij zenuw prikkels, Deze prikkels worden geleid door een neurotransmitter van de presynaps naar de synapsspleet, dit is simpel gezegd een ruimte tussen twee zenuwen. De neurotransmitter veroorzaakt een spanning in de synapsspleet en maakt vervolgens contact met de receptor van de andere cel. Deze neurotransmitter wordt onafgebroken in de presynaps aangemaakt zodat het proces voortduurt. De energie die hiervoor nodig is wordt geleverd door ATP. Er zijn in de presynaps dan ook vele mytochondria aanwezig die de ATP kunnen produceren en opslaan. De productie van ATP wordt later in samenhang met microstroom besproken.

In de postsynaps, de volgende zenuwcel, ontstaat door actief transport van sodium, kalium en calcium een concentratie verschil tegenover de celmembraan en geeft dan prikkels en signalen af naar de volgende presynaps. Dit proces is zonder ATPase, actief transport door de celwand, onmogelijk.

Door het vrijkomen van energie door ATP komt actief transport tot stand en wordt de splitsing van Phosphaat verbinding bewerkstelligd.

Figuur 1: chemische structuur ATP, splitsing en vrijkomen van energie.

Het middel om moleculen door de celwand, in en uit de cel te transporteren, is actief transport, in de richting van de hoogste spanningsconcentratie. Dit kan zowel door een elektrisch als door een drukverschil. Op deze manier worden sodium, kalium, calcium aminozuren en vele andere verbindingen getransporteerd.

Samenvattend is ATP de energiekruiwagen voor ons lichaam. Feitelijk komt elk cytologisch, histologisch en fysiologisch proces d.m.v. ATP tot stand. Daarom is ATP van onschatbare waarde. Ons lichaam is in staat alle ATP, die ons lichaam nodig heeft aan te maken. Helaas gebeurt dit niet altijd. Microstroom stimulatie tussen 200-800 uA is een manier om het weefsel te voorzien van ATP, wat opgeslagen kan worden tot ons lichaam het nodig heeft. Het feit dat er ± 200% verbetering bij honderden klachten bereikt wordt, kan op deze manier verklaard worden. Voor elk helend proces is veel ATP nodig dit kan bevorderd worden door het verhogen van ATP binnen de cel. Microstroomtherapie verhoogd de ATP binnen de cel met ± 400 %.

Microstroom

Microstroom stimulatie verbetert de productie van ATP. Dit versnelt het herstellend vermogen van het lichaam, in welk proces dan ook. Het stelt het lichaam zelf in staat om over de spreekwoordelijke drempel, die gedurende de periode dat er een te kort aan ATP is ontstaan, te stappen.

ATP is een dynamisch reservoir van energie in ons lichaam. Voor de lange termijn zijn glucose reserves niet afdoende. Glucose wordt eerst omgezet naar ATP. ATP is de opslagplaats en kruiwagen voor energie. Het moment van ATP productie en gebruik, is korter dan een minuut.

De wisselwerking van ATP is zeer hoog. Maar het lichaam beschikt over een vaste capaciteit om ATP op te slaan, het opbouwen van reserve. Daarom is in tegenstelling tot andere electrostroom therapieën, met een hoger ampérage b.v. TENS (deze verlagen de ATP), microstroom uniek om het feit dat de aanmaak van ATP bevorderd wordt.

Microstroom therapie wordt toegepast tussen de 1-600 uA bij herstellen van weefsel. Onderzoeken hebben uitgewezen dat de herstelperiode met 40 tot 50 % versneld worden. Breuken herstellen sneller en ook littekenweefsel ziet er na behandeling gezonder uit.

Blessures opgelopen bij het sporten, kneuzingen verstuikingen enz. helen zonder noemenswaardige zwelling en onderhuidse bloedingen (blauwe plekken) en verdwijnen sneller.

Het mechanisme dat ATP bevordering tot stand brengt d.m.v. Microstroom stimulatie kan als volgt worden uitgelegd. Een microstoom instrument levert een gelijkstroom, welke dezelfde is als in de natuur. Figuur 2 is een voorbeeld van een circuit waar elektronen zich van de anode (pos./+) naar de kathode (neg./-) verplaatsen.

Figuur 2. Het creëren van een proton (positief geladen ion) spanningsverschil d.m.v. microstroom.

Wat er gebeurt bij de kathode (negatieve pool) en de anode (positieve pool) is belangrijker dan het circuit zelf. Bij de kathode die negatief is, vormen zich negatieve hydroxide ionen (OH-). Dit wordt veroorzaakt door elektronische interactie met water moleculen, waarbij de splitsing van water in hydrogenium (waterstof H+) en hydroxyl (éénwaardige OH- groep) plaatsvindt. Hetzelfde gebeurt bij de anode, daar deze positief is vormt zich hier hydrogenium (OH+).

In eerste instantie worden hydrogenium en hydroxyl aan beide polen gevormd. Maar na verloop van tijd verzamelt de Hydrogenium zich om de anode en de hydroxyl verzamelt zich rond de kathode. Hydrogenium bevorderd de aanmaak van ATP, hieruit volgt dat, wanneer de microstoom stimulator wordt uitgeschakeld, de aanmaak van ATP doorgaat.

Ondertussen neemt de productie van ATP bij de negatieve pool (kathode) na het uitschakelen van de microstroom stimulator af, omdat hier geen Hydrogenium gevormd wordt. Proton (H+) productie wordt hier dus versterkt. Als wij figuur 2 bekijken zien wij een diffusie werking van protonen van de positieve pool, naar het gebied waar een tekort is ontstaan, de negatieve pool. Door deze diffusie wordt de ATP productie tijdens het transport van de H+ ionen door het weefsel bevorderd.

Deze ATP productie kan door de theorie van Mitchell (Amerikaans neuroloog) worden verklaard. Zijn theorie verklaart dat op dezelfde wijze via elektronische kettingreacties volgens de Krebs cyclus (Krebs was een Duits biochemicus ? citroenzuurcyclus) ATP in de mitochondria wordt aangemaakt. Volgens Mitchells theorie zien wij dat geïoniseerde hydrogenium de elektronische kettingreactie verbinding bevorderd. NADH wordt omgezet in NADH+, evenals FAD omgezet wordt in FADH2 en zo nog meerdere verbindingen (co-enzymen). Het effect van elke kettingreactie is het passeren van 6 hydrogenium ionen door het membraan van de mitochondria.

Nu wordt door het hoge hydrogenium gehalte binnen het membraan ATPase geactiveerd. Door toedoen van de phosphaatgroep ADP wordt ATP gevormd (zie figuur 1, in acht genomen dat het proces om ATP te vormen in omgekeerde volgorde plaatsvindt). Dit proces staat bekend als phosphorilatie oxidatie. De ATP is op dit moment uit de mitochondria naar het cytoplasma getransporteerd en aldaar opgeslagen voor later gebruik.

Conclusie

ATP kan op vele manieren door het lichaam gevormd worden. Het is een zeer dynamische bron van energie maar in geval van letsel of overbelasting kan de ATP productie verminderen.

Microstroom therapie is een weldadig antwoord op herstel van weefsel. Klinisch gezien is microstoom therapie een goede keus voor het behandelen van acute blessures, zonder enige bijkomende nadelige gevolgen. Ook moet men bedenken dat naast het specifieke karakter van microstroom (bevordering ATP productie) ook de voordelen van andere electro therapie vormen wordt ingesloten, voornamelijk bij toepassing voor pijnbestrijding, spier- en zenuwontspanning. Het vermogen de vasculaire permeabiliteit te verbeteren en te dienen als electro acupunctuur toepassing, is eveneens uniek. Met microstoom kan men teven de bio electrische staat van het lichaam verbeteren en het is een feit dat het hierbij een onovertroffen middel is.

Vertaling: Anky van Riet